De overgangsregelingen

In de pensioenregeling zijn twee overgangsregelingen opgenomen. Dit zijn de ‘Inkoopregeling’ en de ‘Toeslag ouderdomspensioen ’. Hiermee kunt u onder bepaalde voorwaarden extra pensioen opbouwen. U kunt dat extra pensioen bijvoorbeeld inzetten om eerder te stoppen met werken.

De Inkoopregeling
Met de Inkoopregeling kunnen uw werknemers onder voorwaarden ook extra ouderdomspensioen opbouwen over de jaren die zij al gewerkt hebben binnen de Sociale Werkvoorziening. De Inkoopregeling geldt voor de deelnemers die:

  • op 31 december 2000 en op 1 januari 2001 al meededen aan de pensioenregeling en tot hun pensioendatum in de Sociale Werkvoorziening blijven werken.

De Inkoopregeling geeft een voorwaardelijk extra pensioen over de jaren die de deelnemer al gewerkt heeft in de Sociale Werkvoorziening. Zo rekenen wij dit extra pensioen uit:

  • wij gaan uit van het inkomen van de deelnemer in 2005
  • wij trekken hier een bedrag af van € 9.400,-
  • de uitkomst vermenigvuldigen wij met een opbouwpercentage van 1,80%. Ook vermenigvuldigen wij deze uitkomst met het aantal jaren dat de deelnemer in de Sociale Werkvoorziening heeft gewerkt
  • van dit bedrag trekken wij het bedrag af dat de deelnemer werkelijk heeft opgebouwd tot en met 31 december 2005
  • het resultaat is het extra pensioen van de Inkoopregeling

Toeslag ouderdomspensioen
De Toeslag ouderdomspensioen geldt voor de deelnemers die:

  • geboren zijn vóór 1 januari 1950
  • op 31 december 2000 en op 1 januari 2001 al meededen aan de pensioenregeling en
  • tot hun pensioendatum in de Sociale Werkvoorziening blijven werken

De Toeslag ouderdomspensioen betekent het volgende:

  • als uw werknemer vóór zijn 65e stopt met werken, ontvangt hij 80% van zijn salaris tot hij 65 jaar wordt
  • de leeftijd waarop de werknemer met pensioen kan met een pensioenuitkering van 80% van zijn salaris, hangt af van het jaar waarin hij is geboren
Als de werknemer is geboren in
dan is de leeftijd waarop hij kan stoppen
met werken met 80% van zijn salaris
194561 jaar
194661 jaar en 3 maanden
194761 jaar en 6 maanden
194862 jaar
194962 jaar en 6 maanden


Beide regelingen zijn een voorwaardelijk recht. Ieder jaar beslist het bestuur of het extra ouderdomspensioen wordt toegekend.