Werkte u vóór 1 januari 1990 in de Sociale Werkvoorziening (SW)? Dan heeft u mogelijk een tegoed opgebouwd in de Aanvullende Oudedagsvoorziening (AOV). Dit noemen we het AOV-tegoed.
Als u AOV-tegoed heeft, laten wij u dit weten. U krijgt elk jaar in maart een brief met daarop de hoogte van uw tegoed. Uw tegoed verandert jaarlijks door spaarrente of door de opbrengst van de beleggingen. Heeft u uw AOV-tegoed laten toevoegen aan uw pensioen bij PWRI? Dan heeft u geen AOV-tegoed meer.
Uw AOV-tegoed gaat standaard in op de maand volgend op de maand dat u uw AOW-leeftijd bereikt. U krijgt dit bedrag in maximaal 75 gelijke maandelijkse termijnen. En mogelijk nog een 76e slotuitkering als er nog een tegoed open staat. Want ook als de termijnen al uitbetaald worden verandert uw tegoed door spaarrente of door de opbrengst van de beleggingen. U krijgt dan een brutobedrag. Hier gaat nog loonbelasting en de bijdrage voor de Zorgverzekeringswet (Zvw) af.
Bereikt u over 6 maanden uw AOW-leeftijd? Dan sturen wij u een aanvraagformulier. Hiermee kunt u uw AOV-tegoed aanvragen. Wilt u uw AOV-tegoed eerder laten ingaan? Dit kan vanaf de maand waarin u 65 jaar wordt. Dan kunt u uw AOV-tegoed aanvragen door contact met ons op te nemen.
Overlijdt uw partner of ouder en heeft hij of zij nog een AOV-tegoed? Dan heeft u als nabestaande mogelijk recht op het overgebleven AOV-tegoed. U moet dit zelf aanvragen binnen 3 maanden na de datum van overlijden. Neem hiervoor contact met ons op. Wij kijken dan samen met u of u recht heeft op dit tegoed. Is er geen partner of zijn er geen kinderen? Dan hebben andere erfgenamen mogelijk recht op het overgebleven AOV-tegoed. PWRI kan vragen om een verklaring van erfrecht.